Beheerzaken juli 2018

Vervroegde maaidatum onkruidpercelen werd vaker benut

Pachters van 55 percelen kregen dit voorjaar per email of telefoon het bericht dat ze één of meer percelen eerder mochten maaien dan de maaidatum die in hun pachtcontract is bepaald. Het gaat om percelen waarvan bekend is dat er een behoorlijk onkruiddruk is, terwijl ecoloog Martijn Bunskoek er geen broedvogels had waargenomen. Voor ruim de helft van deze 55 percelen is die mogelijkheid benut. Dat is een flinke toename ten opzichte van 2017, toen maaidata van ‘onkruidpercelen’ voor het eerst werden vervroegd.

Oproep: maai volgend jaar (weer) vervroegd als dat mag

Wij vinden het van groot belang dat – nu deze mogelijkheid sinds vorig jaar geboden wordt aan pachters van ‘onkruidpercelen’ – zij die ook daadwerkelijk benutten. Door vroeger te maaien kunnen ongewenste kruiden als ridderzuring en pitrus bestreden en uitbreiding voorkomen worden. Vandaar nu al hierbij onze oproep aan u als pachter om (ook) volgend jaar zoveel mogelijk gebruik te maken van deze mogelijkheid.

Aanbieden van gewas voor onze composteringsproef Rechterensweg

Pachters van percelen waarvan de maaidatum is uitgesteld naar 15 augustus hebben de mogelijkheid om het gewas hiervan aan te bieden voor de composteringsproef van de ANV. N.B. aanbieden is uitsluitend mogelijk na melding bij en in overleg met Egbert Wever. Het gewas kan vervolgens aangeboden worden op het verharde terrein aan de Rechterensweg en wordt daar gecomposteerd. De geproduceerde compost moet vervolgens door u als pachter zelf afgenomen en op percelen (waar mestgift is toegestaan ) weer opgebracht worden.

Uitgestelde maaidata i.v.m. broedvogels

Ook dit voorjaar is voor een groot aantal percelen de maaidatum uitgesteld, wegens aanwezigheid van broedvogels. Het betrof dit seizoen 134 percelen waarvan de maaidatum met een kortere of langere periode uitgesteld is. Pachters kunnen in aanmerking komen voor een vergoeding, afhankelijk van de lengte van het uitstel en de periode waarin de uitgestelde maaidatum ligt.

Voorkom onaangename verrassingen

Neem tijdig contact op met veldcoördinator Egbert Wever als u niet aan de pachtbepalingen denkt te kunnen voldoen. In onderling overleg kunnen we dan zoeken naar een oplossing die voor u als pachter en ook voor verpachter Staatsbosbeheer acceptabel is. Zo vatten wij als ANV onze taak als rentmeester op.

Er kunnen zich immers omstandigheden voordoen of goede redenen zijn om in onderling overleg (tijdelijk) van de pachtbepalingen af te wijken. Ook kan het zijn dat niet duidelijk is hoe een pachtbepaling moet worden opgevat. Door tijdig te overleggen voorkomt u dat onze toezichthouder achteraf een afwijking moet constateren, wat voor niemand prettig is.

Overigens vernemen wij nog wel eens van pachters dat niet duidelijk is wie nu toezichthouder is in de Olde Maten en Veerslootlanden. Daarover moet geen misverstand bestaan: de ANV is verantwoordelijk voor het toezicht in het gebied, en heeft Klaas Slager aangesteld als toezichthouder. Dat wil niet zeggen dat medewerkers van Staatsbosbeheer niet meer in het gebied komen. Het komt voor dat zij een afwijking van de pachtbepalingen constateren. Staatsbosbeheer spreekt pachters daar echter niet zelf op aan, maar kan dit wel melden aan de ANV.

Het is dan vervolgens aan de ANV om daarop actie te ondernemen. Alleen in het geval dat onze eigen toezichthouder een afwijking constateert, onderneemt die actie richting de pachter. Dat wil zeggen dat hij met de pachter in gesprek gaat en – bij voorkeur en zoveel als mogelijk – een afspraak met de pachter maakt om de afwijking op een acceptabele manier te lossen. Als dat niet mogelijk is of als een afspraak achteraf niet blijkt te zijn nagekomen, wordt een zaak ter beoordeling voorgelegd aan het bestuur. Het bestuur hanteert daarbij het Controle- en sanctioneringsprotocol.

Voor deze en andere pachtzaken kunt u terecht bij veldcoördinator Egbert Wever (06-27435361).

Resultaten onderzoek pachters

Op 2 maart 2018 ontvingen alle 99 pachters van percelen van Staatsbosbeer in de Olde Maten en Veerslootlanden van ons een online-enquête. 54 pachters hebben eraan meegedaan.  De enquête bestond uit 17 vragen.

Van de 54 respondenten hebben 37 de enquête voltooid (69%) en 17 respondenten (31%) de enquête gedeeltelijk ingevuld. Ook de antwoorden van de niet voltooide enquêtes maken deel uit van de resultaten.

De resultaten worden later dit jaar tijdens een pachtersavond gepresenteerd, evenals de conclusies die daaruit te trekken zijn en de aanbevelingen die daaruit voortkomen.

Vooruitlopend daarop enkele interessante bevindingen:

  • Op de vraag wat de reden is om percelen te pachten in de Olde Maten of Veerslootlanden konden pachters hun top aangeven. in hun top 3  van belangrijkste redenen zet:
    • 60% plaatsingsruimte mest en betalingsrechten
    • 40% natuurbeheer in de eigen bedrijfsvoering
    • 33% bijdragen aan natuurbeheer in het gebied
    • 29% redelijke pachtprijs
    • 27% gewasopbrengst
  • Op de vraag of de pachter in aanmerking wil komen om – na afloop van de totale pachttermijn van zes jaar – opnieuw wil pachten in het gebied, zegt:
    • 64% ja
    • 32% ik twijfel
    • 4% nee

Als aandachtspunten worden genoemd: kwaliteit en opbrengst gewas, pachtprijs mag niet hoger worden, er zou meer maatwerk moeten komen in overleg met de pachter,  onaantrekkelijkheid van percelen waar niet mag worden geweid en/of bemest. Als pluspunten worden genoemd: kunnen meewerken aan beheer van het gebied, en dat het mooi hooiland is. Als minpunten: geen rechten, resultaat negatief, opbrengst waardeloos.

  • Op de vraag wat men van de pachtprijs vindt, zegt:
    • 35% (te) hoog, maar zegt niet eerder op;
    • 21% te hoog, en overweegt eerder op te zeggen;
    • 18% niet te hoog, en zegt niet eerder op;
    • 26% niet te hoog, maar overweegt om andere redenen eerder op te zeggen.
  • Op de vraag of men aan de pachtbepalingen kan voldoen antwoord:
    • 83% ja
    • 17% moeilijk
  • Op de vraag wat een redelijke pachtprijs zou zijn blijkt dat er aanzienlijke verschillen zijn tussen wat pachters als redelijk aangeven en de werkelijke pachtprijzen (verschillen van ruim € 100 tot meer dan € 150 per hectare)

 

 

 

Tureluurs, velduil en kippen gespot in Veerslootlanden

Op 30 mei gingen ca twintig belangstellenden mee met ecoloog Martijn Bunskoek op excursie naar de Veerslootlanden. Het was een mooie zomeravond. Ideaal om weidevogels en andere bijzondere broedvogels daar waar te kunnen nemen. We zagen o.a. tureluurs op de plasdras, vonden eieren van een stel achtergelaten kippen, en zagen een zeldzame velduil.

Na een kop koffie bij de Veldschuur reden we naar het Scholenland nabij de eendenkooi. Vandaar liepen we eerst naar de percelen ten zuiden van de weg langs de kooi, waar weinig broedvogels zaten. We zagen daar weinig vogels. Gek genoeg troffen we wel een stel achtergelaten kippen aan, die zich verraadden met hun gekakel, waarop één van de deelnemers een nestje eieren vond.

 

Daarna gingen we naar de andere zijde van Scholenland, waar door de aanwezigheid van plas-dras duidelijk meer broedvogels te zien waren. De plas-dras bleek in het bijzonder aantrekkingskracht te hebben op tureluurs, waarvan we er  verschillende konden waarnemen met de meegebrachte verrekijkers.  Bijzonder was het om daar ook de zeldzame velduil te hebben kunnen zien, met behulp van een telescoopkijker op statief.

Niet aangemeld voor het programma Natuurbeheer en Ondernemerschap?

We hebben 24 aanmeldingen ontvangen voor het programma Natuurbeheer en Ondernemerschap, waarvan 21 voor het onderdeel ‘Basis’.  Voldoende om te kunnen starten met een groep ‘Basis’. 3 belangstellenden voor Niveau 1 krijgen de keus om elders aan te sluiten, af te wachten of er volgend jaar wel genoeg animo daarvoor is of toch nu met ‘Basis’ mee te doen.

Heeft u eerdere berichten gemist, of om andere reden zich niet hebben aangemeld, en heeft u toch belangstelling? Vul dan alsnog onderstaand formulier in, dan bekijken we wat mogelijk is.

De ‘lesdagen’ voor de groep ‘Basis’ zijn vastgesteld op dinsdagen: 4 september, 18 september en 2 oktober 2018. De ‘lesuren’ zijn 9.30 tot 12.30 uur (theorie, binnen) en 13.00 tot 15.30 uur (praktijk, buiten). In de pauze zorgen wij voor een eenvoudige lunch. Locatie: De Veldschuur, Wijkweg 2 te Rouveen.

De indeling van onderdeel Basis (Inleiding beheer natuurgrasland) ziet er globaal als volgt uit:

Dag 1 (4 september 2018): Wat is het einddoel?
Op de eerste dag staat het einddoel centraal en hoe dat wordt omschreven (ook met een excursie). We gebruiken daarbij een aantal ecologische uitgangspunten om te begrijpen hoe de natuur werkt. ’s Middags een excursie naar een “pareltje”, een voorbeeld hoe het zou moeten worden.

Dag 2 (18 september 2018): Waar sta je zelf?
We gaan de contractvoorwaarden langs en praten over het waarom van die voorwaarden. Ook de gedragscode komt aan bod. We gaan kijken hoe bepaalde maatregelen/bewerkingen effect hebben op flora en fauna. ’s Middags een excursie naar een veel voorkomende situatie, bijvoorbeeld een fase 2 grasland (in de terminologie van Schippers*).

Dag 3 (2 oktober 2018): Hoe kom je bij je doelen?
We gaan kijken welke tips en trucs er kunnen worden toegepast om de natuurdoelen te bereiken. We proberen in te schatten hoe deze handelingen invloed hebben op het resultaat. ’s Middags een excursie naar een “voorbeeldboer”, iemand die al aardig op weg is en er ook nog over nadenkt en er over kan vertellen.

* Als deelnemer ontvangt u het boekje ‘Ontwikkelen van kruidenrijk grasland’ (Wim Schippers, Aardewerk Advies, mei 2012).

Voor betaling van uw eigen bijdrage van € 75 ontvangt u na deelname een nota. Mocht u vragen hebben dan kunt u contact opnemen met Jan ten Hove via 06 13103111 of (i.v.m. afwezigheid van 13 juli – 6 augustus) met Egbert Wever via 06 27435361.

Hierbij meld ik mij aan als belangstellende voor het programma Natuurbeheer en Ondernemerschap. Ik ben lid van ANV Horst en Maten. Ik heb voorkeur voor de volgende optie:

Basis (3 daagse cursus)Niveau 1 (8 daagse cursus)

Zodra er voldoende aanmeldingen binnen zijn (minimaal 15 deelnemers) ontvang ik verdere informatie over de inhoud van het programma en over de hoogte van de eigen bijdrage waarna ik mij definitief kan aanmelden.